3 Zijn Zondaren Echt Zo Zondig?

Als het waar is, wat Waldo Emerson zei, dat “Rechtlijnigheid is het gedrocht van simpele zielen”, dan zou Heikki Räisänen zijn boek willen bewijzen dat Paulus daar geen last van had. Dat zou tenminste een positieve benadering zijn van zijn bedoeling. Räisänen schreef er zelf iets anders over: “We moeten tegenstrijdigheden en spanningen accepteren als kenmerkend voor Paulus zijn theologie van de wet.” Vanuit dit uitgangspunt onderzocht hij Paulus’ gedachtengoed met betrekking tot vijf onderwerpen.

Wij zijn hier geïnteresseerd in zijn derde onderwerp: de apostel geloofde dat mensen die niet radicaal veranderd (bekeerd) zijn door het evangelie van Christus geen goeds willen of kunnen doen. Dat ze dat wel kunnen, is volgens Räisänen wat Paulus er eigenlijk persoonlijk van dacht. Deze visie kun je hier en daar in zijn brieven tussen de regels doorlezen, ook al was dat niet zijn bedoeling.  Toch moest hij, redenerend dat de verlossende dood van Christus “van absolute noodzaak was voor alle mensen”, wel schrijven dat ze dat niet konden doen. I denk zelf (zoals ik al aangaf in hoofdstuk 2) dat Paulus zijn pessimistische opvatting over het menselijke morele vermogen inderdaad het resultaat zijn van zijn inzicht dat de dood van Gods zoon noodzakelijk was voor de verlossing; maar ik denk ook dat deze zienswijze meer consistent is in Paulus’ brieven dan Räisänen wil toegeven. Ik hoop hier te laten zien waarom ik daar zo over denk.

Maar, laten we eerst kijken naar het bewijsmateriaal voor tegenstelling.

 

verder: Het Menselijk Onvermogen om Goed te Doen

terug: Rechtvaardiging opnieuw bekeken