Groeien in Geloof

Geloven duidt op een persoonlijke relatie met God door Jezus. Dit is een dynamische relatie, niet een eenmaal verworven status die je weg kunt leggen. De gelijkenis van de zaaier laat zien hoe mensen die het evangelie horen er verschillend op reageren. Niet iedereen neemt het aan voor wat het is: de enige mogelijkheid om in een goede relatie met God te leven. Onder hen die het wel aannemen blijkt dat veel ‘geloof’ niet echt geloof is. Er zijn er die er later afstand van nemen als ze geen direct voordeel zien in hun dagelijks bestaan; ze denken dat de investeringi te groot is. Of ze zijn zo druk met andere dingen, dat ze de tijd niet nemen om de liefdesrelatie in stand te houden; langzamerhand blijkt dat andere ‘goden’ de plaats van Jezus hebben ingenomen. Velen hebben het Koninkrijk van God nooit echt gezien of begrepen.

 

De weg is smal; de poort is nauw

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Christelijk restaurant, Guangxi

Toen ik les gaf aan een Chinese internationale school werd ik uitgenodigd voor een vergadering waarin iemand uit het Verenigd Koninkrijk (Engeland) een nieuw schoolprogramma adverteerde. Deze vertegenwoordiger legde uit dat zijn programma garandeerde dat elke leerling aangenomen zou worden in een Britse universiteit, ook al zouden sommigen eerst een jaar voorbereiding moeten doen om hun vaardigheid in de Engelse taal te verbeteren.

Na zijn presentatie vroeg ik verbaasd, “Als ik het goed heb, dan is maar een klein percentage van de Engelse jeugd in staat om naar de universiteit te gaan. Hoe is het dan mogelijk dat leerlingen hier, uit een andere cultuur en met een andere taal allemaal aangenomen worden?

 

Ik kreeg een vaag antwoord, waar ik niet veel mee kon doen, maar later begreep ik de situatie.

Het speciale programma was gekoppeld aan een aantal speciale “universiteiten” voor buitenlanders of minderbegaafden. Hoewel ze uiteindelijk wel een fraai diploma zouden krijgen, zou iedereen in Engeland begrijpen dat het niet kon gelden voor een echte, serieuze universiteitsgraad. In China zou dat niet zo opvallen. De ouders zouden trots (kunnen) zijn met de prestatie en een heuse buitenlandse universiteitsgraad, en Engeland zou blij zijn met de lucratieve inkomsten.

Gedoopt in de Naam van de Heilige Geest

 

De Bijbel zegt dat er maar weinig mensen die het evangelie horen ook inderdaad tot echt (volhardend en vrucht-dragend) geloof zullen komen. Toch wordt er bij de kinderdoop gezegd dat de Heilige Geest garandeert dat Hij in dit kind wil wonen om zo een levend geloof te werken, zodat ze inderdaad Gods koninkrijk zullen binnengaan. In veel gereformeerde kerken wordt er inderdaad ook vanuit gegaan dat ieder in de kerk(vergadering) al gelooft. Alleen de mensen die niet in een christelijk gezin geboren zijn (en dus niet gedoopt zijn) moeten zich bekeren.

 

In onze kerk in Canada werd er duidelijk zo gepreekt. Toen ik een van de professoren vroeg of Gods garantie (bezegeling) in de doop voorwaardelijk of onvoorwaardelijk was, kwam direct het antwoord, “onvoorwaardelijk!”  Het Engelstalige doopsformulier stelt inderdaad dat “de Heilige Geest in dit kind zal wonen” om alles te doen wat nodig is om in de hemel te komen. Mijn volgende vraag was dus, “Hoe is het dan mogelijk dat een van de ‘gereformeerde’ kinderen niet in de hemel komt? Ik kreeg een vaag antwoord, waar ik niet veel mee kon doen, maar na verloop van tijd gingen we vaker naar een gereformeerde baptistengemeente omdat wij het heel belangrijk vonden dat onze kinderen regelmatig een oproep tot bekering zouden horen. Voor onze kerkenraad was dat bewijs dat wij inderdaad onder kerkelijke tucht behoorden te blijven. Een van de ouderlingen (die wat meer gestudeerd had) verweet mij dat ik ontrouw was geworden aan mijn belijdenisbelofte dat ik mij wilde onderwerpen aan “de leer der kerk alhier”. Ik antwoordde dat ik die belofte gedaan had in Nederland en dus niet “alhier”; bovendien sprak hij als een Rooms-Katholiek: de kerk heeft het dan laatste woord over hoe de Bijbel gelezen moet worden, en als je tegen de leer der kerk bent, dan wordt je veroordeelt als een ketter. In de echte gereformeerde kerk ligt het uiteindelijke gezag bij het Woord van God.

 

Als een kerk(genootschap) geen nadruk legt op de noodzaak tot bekering, en als er met nadruk gepreekt wordt dat ieder die “deze, de echte kerk” verlaat daarmee ook de Heer God de rug toe keert, dan kan het haast niet anders of langzamerhand komen er steeds meer schijngelovigen in de kerk. In “onze kerk” werd geleerd dat er voor mensen die God de rug toekeren geen echt gevaar bestaat. “Mensen kunnen ontrouw worden, maar God blijft altijd trouw”. Daarbij sprak men nooit over de “verbondsvloek”, maar altijd over Gods liefdesverbond*. Het boek van Prof. Van Bruggen (Het Diepe Water van het Geloof), dat in die tijd verscheen, toonde voor mij de waarheid die bij ons niet gehoord mocht worden.

Verbond en Wet

 

Toen ik jong was zag ik het verbond zo’n beetje op dezelfde manier als de Joden in de tijd van Paulus. Dat gaat ongeveer zo:

God heeft mij –in zijn genade- (door mijn geboorte in een christelijk gezin) in het verbond geplaatst. Daarmee heeft hij mij gerechtvaardigd; mijn zonden zijn vergeven door het bloed van Christus. Het verbond heeft echter twee kanten: God geeft, en God eist. Wij moeten ons in gehoorzaamheid houden aan het verbond door ons aan Gods wet te houden. Uiteraard kunnen we dat niet op volmaakte wijze doen, maar we moeten er wel serieus mee bezig zijn. Voor zover dat dan niet lukt wil God ons (in genade; door Christus’ offer) zulke zonden en tekortkomingen vergeven.

In feite –zeggen sommige gereformeerden**- gebeurt rechtvaardiging in twee fasen die parallel lopen met de twee kanten van het verbond (Gods genade gave en de eis der wetsbetrachting): de eerste is onvoorwaardelijk; de tweede is voorwaardelijk.

Paulus zou dat niet geaccepteerd hebben. Bij hem biedt genade geen ruimte voor goede werken; zo gauw de werken mee gaan tellen, dan is het geen echte genade meer!)

Wedergeboorte en Bekering

 

In dezelfde tijd dat ik mijn boek “Praying for Rain” schreef (zie: Even Voorstellen), werkte Ds. Fred van Hulst in Australië aan zijn boek “De achilleshiel van het Calvinisme” (De Vuurbaak, Barneveld, 1998). Van Hulst beklaagt de situatie in de gereformeerde kerken dat er weinig begrip is van wat wedergeboorte is en de noodzaak daarvan voor een echt levend geloof. Hij benadrukt dat die wedergeboorte ervaren moet worden. Ik ben het met hem eens dat het belangrijk is dat geloof een persoonlijke ervaring is en dat niet kunnen volstaan met een verwijzing naar de geloofservaringen van anderen in het verleden. Het probleem is dat wedergeboorte altijd beschreven wordt en gezien moet worden als iets wat God doet en geeft. We kunnen wel zeggen, “Je moet wedergeboren worden”, maar hoe kun je dat doen als God het alleen kan doen?

Het antwoord is uiteraard, “We moeten God zoeken- op de manier die Hij ons gegeven heeft: bidden, Bijbelstudie, en vasten”. Jaren geleden waren we bij de trouwerij van een vriend in Toronto; hij was van Nederlandse afkomst, zij was Chinees. We zaten aan een tafeltje met o.m. een jong echtpaar. Na verloop van tijd vertelde hij ons zijn bekeringsgeschiedenis.

Ik heb mijn eigen bedrijf, en de zaken gaan goed. Jarenlang geloofde ik wel in God, maar ik was (vond ik) veel te druk met mijn werk om veel aandacht aan God te geven. Een aantal keer had ik dat gezegd als welgemeend excuus. Na verloop van tijd kreeg ik een serieus medisch probleem, en ik moest worden opgenomen in het ziekenhuis. Het was duidelijk dat ik daar een paar weken moest blijven.

Na een dag of zo bedacht ik opeens wat ik had gezegd over mijn relatie met God. Op drastische wijze had God nu mijn excuus weggenomen. Het was alsof hij zei, “Nu dan, je hebt alle tijd om me te zoeken!” Dus, dat deed ik. Dagenlang besteedde ik mijn tijd in Bijbel lezen en gebed. Na drie dagen antwoordde Hij. Zijn aanwezigheid omstraalde mij en ik werd helemaal blij en vredig van binnen. Ik was me diep bewust van zijn liefdevolle aanwezigheid, en ik beloofde dat ik hem voor altijd zou volgen. Dat doe ik nog.

Jezus zegt, “Zoek, en je zult vinden! Klop en de deur zal geopend worden.” (Mat.7) en “Als jullie dan, hoewel je slecht bent, goede dingen geven wanneer je kinderen erom vragen, hoeveel temeer zal God dan zijn Heilige Geest geven aan hen die Hem vragen?” (Luc.11).

Hoe kan ik behouden worden?

 

??????????????????????????
Amazing Grace! How could it be that Thou -my God- shouldst die for me?

Wat moet ik dan zeggen als iemand aan mij vraagt, “Hoe kan ik behouden worden?” Als ik zeg, “Geloof in God en Jezus Christus”, zal men mij dan begrijpen en beseffen wat een echt geloof is?

Anderen zullen zeggen, “God heeft jou in het verbond geplaatst, dus je moet –uit dankbaarheid- de wet gehoorzamen!” Echter, dit kan gemakkelijk leiden tot een totaal verkeerd begrip, zoals Paulus vond in de gemeente in Galatië. Niemand kan zelfs maar een beetje bijdragen tot eigen verlossing door het doen van goede werken of (in een serieuze poging voor) gehoorzaamheid aan de wet.

In plaats van te zeggen “Je moet opnieuw geboren worden” lijkt het me beter te zeggen, “Je moet bekeerd worden; jij moet je bekeren.” Je moet inzien dat je ontzettend ondankbaar geweest bent tegenover God, als je beseft wat Hij aan je gegeven heeft. Je moet Hem echt zoeken- niet zo nu dan een schietgebedje, maar als prioriteit in je leven. Je moet (wellicht vaak en lang) mediteren op het Kruis en de onvoorstelbare liefde die God, in Jezus, aan jou gegeven heeft.

.

“The Covenant of Love, Cl. Stam, 1999

**Steve Schlissel, The Federal Vision