De sleutel tot een doorbraak

‘U verlangt naar iets, maar krijgt het niet (…) omdat u niet bidt’ (Jak.4:2).
Hoeveel vreugde om Gods aanwezigheid en ervaring van zijn kracht als het gaat om getuigen missen we niet omdat we God er niet om vragen?
Jezus zegt ook dat we dat niet hebben omdat we het vragen met ‘gebrek aan geloof’ (Mt.17:19-20).
Hoeveel vreugde om Gods aanwezigheid en ervaring van zijn kracht als het gaat om getuigen missen we niet omdat onze verwachting zo klein is dat het gebed niets oplevert?
Jezus zegt ook dat we het niet hebben omdat we gewoon niet lang genoeg aandringen (Lk.11:5-13).
In de hele Bijbel zien we, niet in details maar duidelijk genoeg, dat wij betrokken zijn bij een grote kosmische strijd en dat de gebeden van de gelovigen cruciaal zijn voor de voortgang van Gods koninkrijk (zie Daniël 10 en Efeze 6).
We hoeven niet te weten hoe het allemaal werkt, we moeten alleen maar weten dat het werkt.
Het getuigenis vanuit de Bijbel en de kerkgeschiedenis luidt dat grote met kracht van de Geest gevulde daden in relatie tot onze Grote Opdracht voorbereid zijn, gedragen, en voltooid door de bezielende, aanhoudende uitgesproken gebeden van gelovigen.
Als het gebed afzwakt, zwakt de geestelijke kracht af.
Hoeveel vreugde om Gods aanwezigheid en ervaring van zijn kracht als het gaat om getuigen missen we niet omdat we gewoon niet lang genoeg aandringen?

Jezus bad

Toen Jezus ons aanmoedigde om altijd te bidden en niet op te geven (Luk.18:1), vertelde hij ons niet om iets te doen wat hij zelf niet nodig had om te doen.
Jezus wist vanuit zijn eigen menselijke ervaring dat hij het nodig had om de Vader voor alles te vragen, om hem in geloof te vragen en op bepaalde momenten volhardend te bidden totdat de doorbraak kwam.
‘Tijdens zijn leven op aarde’, zond Jezus ‘gebeden en smekingen op met luide stem en onder tranen’, tot hem die in staat was om hem uit de dood op te wekken, die verhoord werden vanwege zijn ‘diepe ontzag voor God’ (Hebr.5:7).
Deze tekst geeft ons een unieke inkijk niet zozeer in wat Jezus bad, maar in hoe Jezus bad. En het heeft ons iets te zeggen over hoe wij moeten bidden.
Laat je allereerst raken door het feit dat Jezus bad.
Hij ‘vroeg God wat hij nodig had en dankte hem in al zijn gebeden’’ (Fil.4:6).
Hebr.5:7 laat ons iets zien van de majesteit van Christus’ vernedering in zijn vleeswording.
Wij zien iets van wat het voor hem betekende om ‘gelijk aan een mens te worden en de gestalte van een slaaf aan te nemen’ (Fil.2:7)
In zijn goddelijke natuur leefde Jezus in permanente communicatie met zijn Vader.
Maar in zijn menselijke natuur moest hij tot de Vader bidden precies zoals wij dat doen.
Daarom ‘trok hij zich geregeld terug op eenzame plaatsen om er te bidden’ (Luk.5:16) en ‘bleef hij soms de hele nacht tot God bidden’ (Luk.6:12).
Hij wist dat hij niets uit zichzelf kon doen en volledig afhankelijk van de Vader was (Joh.5:19).
Als Jezus moest bidden en veel bad, moeten wij dat ook.

Jezus bad met passie

Hij bad ‘met luide stem en onder tranen.’
Volledige afhankelijkheid van God was voor Jezus gen abstract theologisch concept maar een wanhopig ervaren realiteit.
Dit vers verwijst niet alleen naar de gebeurtenissen op Golgotha omdat Jezus op deze manier bad ‘tijdens zijn leven op aarde’.
Tijdens Jezus’ ervaringen op aarde bad hij herhaaldelijk en vermoedelijk geregeld ‘met luide stem en onder tranen.’
Waarom was hij gedreven om zo gepassioneerd te bidden?
Hij was er zich scherp bewust van dat hemel en hel voor mensen echte realiteit werden als gevolg van zijn werk.
Hij wist dat er bezeten mensen waren die bevrijding nodig hadden en zieken genezing, dat speciale evangelie waarheden verkondigd moesten worden op specifieke momenten op specifieke plaatsen aan specifieke personen.
Hij en zijn leerlingen leefden ook gewoonlijk van dagelijks brood.
Hij had ook te maken met helse krachten die voortdurend bezig waren om hem, zijn leerlingen en zijn missie te vernietigen.
Wij kennen de geestelijke strijd die uitbreekt als we echt en betekenisvol werk in Gods koninkrijk proberen te doen. Denk je eens in wat dat voor Jezus was.
En het kruis rees natuurlijk aldoor voor hem op, steeds duidelijker naarmate de dag dichterbij kwam. Hij wist dat als hij zichzelf offerde en de zware toorn van God onderging over de zonde van allen die in hem geloven, en zou sterven (Joh.3,16), alleen de Vader ‘in staat zou zijn om hem van de dood te redden’.
Jezus wist dat zijn vrijwillig gekozen menselijke hulpeloosheid hem voor al deze dingen afhankelijk van de Vader zou maken.
Daarom bad hij met luide stem en onder tranen vanuit zijn wanhopige behoefte aan zijn Vaders hulp.
Wij hebben Vaders’ hulp in al deze dingen ook nodig, inclusief het ons voorbereiden op onze eigen dood, waarvan we – zo vertrouwen we – door hem bevrijd worden.


Waarom verhoorde God Jezus’ gebeden?

Zou jij verwacht hebben dat de schrijver van de Hebreeënbrief zou zeggen dat Jezus verhoord werd vanwege zijn ‘diepe ontzag voor God?’
Zouden wij niet verwachten: Jezus werd verhoord omdat hij de zoon van God was?
Jezus had onbeperkte toegang tot de Vader en in hem hebben wij dat ook.
Maar de schrijver zegt dat niet.
Hij koos voor ‘vanwege zijn diepe ontzag voor God’.
Waarom?
Diep ontzag is heilige eerbied voor God.
Dat is verbazingwekkend: God de Zoon bejegent God de Vader met passende heilige eerbied.
De Zoon is niet bang voor Vaders oordeel.
Hij heeft gewoon de passende kijk op de almachtige Vader, alwetend, alomtegenwoordig en met eeuwige majesteit.
‘Angst’ is wat mensen ervaren als ze God in het echt ontmoeten maar hem niet als Vader kennen.
‘Heilige eerbied’ is wat mensen ervaren als ze God ontmoeten als Vader, hem kennen als Vader en geloven wat Vader zegt.
‘Heilige eerbied’ is niet geveinsd respect of formele omgang als we tot God bidden op een hele andere manier als we de rest van ons leven leven en praten.
Mensen met heilige eerbied voor God doen dat altijd.
Als je hen hoort bidden verschilt dat maar weinig van de manier waarop ze gewoon praten.
Je kunt alleen maar zeggen dat zij geloven dat met God zelf spreken.
Hun heilige eerbied staat hen toe om met hem om te gaan als een liefhebbende Vader wat hij ook is.
Gods troon is de ‘troon van de Genadige’ (Hebr.4:16).
Een kind van God met heilige eerbied voelt dus de vrijheid om tot hem te komen in wanhopige situaties, zelfs met luide stem en onder tranen, omdat God vereerd is als dat kind in geloof tot hem komt.
Als we heilige eerbied voor God missen valt dat te zien aan de manier waarop we leven en de manier waarop we bidden.
Dat zijn signalen dat we hem niet kennen zoals hij wil dat wij hem kennen.
Ons geloof in God is erg klein, waarom we vermoedelijk ook weinig verhoorde gebeden meemaken.

Bid zoals Jezus

Als dat over ons waar is, laten we onszelf niet met schuldgevoel opzadelen om meer te bidden, als het ons maar wel tot verootmoediging be rengt.

Laten we liever letten op hoe Jezus bad en net als hem bidden!
Jezus bad omdat hij de zwaarte van zijn menselijke behoefte kende.
Hij bad omdat hij in God geloofde en hem met heel zijn wezen liefhad.
En hij hield bidden vol, soms met luide stem en onder tranen, omdat hij wist waar hij voor was gekomen: de zo vast geketende mensen en ook de kosten van zijn missie.
Hij bad en werd verhoord.
Wij bidden alleen als we, net als Jezus, ons bewust zijn van onze echte nood.
Hoe groter dat besef is hoe sterker ons gevoel dat we beslist niet zonder Gods hulp kunnen.
En hoe groter dat gevoel is des te meer gaan we bidden.
En hoe meer we bidden des te meer gaan we de vreugde van Gods aanwezigheid en zijn kracht ervaren.
Daarom wil God dat wij bidden zoals Jezus
Hij wil dat we bij hem komen.
Zijn grote uitnodiging aan ons is: ‘kom en vraag’, ‘vraag in geloof’ en ‘blijf in geloof vragen totdat je zijn antwoord hebt gekregen’.
Verlies de moed niet, geef het niet op; bid, zelfs met luide stem en onder tranen, totdat God de doorbraak geeft die je zoekt.